Vragen en antwoorden over ‘Van de koele meren des doods’ van Frederik van Eeden

terug naar index

Er is een vraag over elk van de 27 hoofdstukken. Het zijn duidelijk controlevragen om te testen of het boek gelezen hebt, maar de vragen gaan ook in op de persoonlijkheid van Hedwig, en hoe ze zich ontwikkelt. Als je de vragen beantwoordt, probeer dan te citeren uit het boek.

  1. “De dingen achter het glas zichtbaar, meubels en bloemvazen, zeer ordelijk gehouden en rein, maar onschoon…” zegt de schrijver. Waarom onschoon? Hoe ervaart Hedwig het? A: “want niet om liefde of gevoel, maar om dodende gewoonte.“  Over Hedwig:  “Zij vond in dit hare vreugde-aandoeningen en zag het onschone niet.”
  2. Hedwig genoot van de natuur op het platteland rond Het zomerhuis, “een machtige en diepgaande ommekeer. ” Het lijkt wel of het buitenleven haar zelfs seksueel opwond. Heb he daar een voorbeeld van? A: “Ze beet in de klimopstam. Toen voelde zij een strelend lustgevoel in haar rug en onder in haar lijfje”
  3. Een jongen zei eens tegen haar ’hier moet ik je nu doodmaken, vind je dat goed?’ Wat is Hedwigs reactie? A: “Zij vond het niet enkel goed maar heerlijk.”
  4. Wat zei de godsdienstleraar altijd tegen Hedwig? A: ‘kom, dat 's maar verbeelding’
  5. “Nu bijna vijftien jaren zijnde ging zij veel op dansfeesten.” Wat zei haar broer daarover? A: Aernout zei ‘je maakt ze gek, de jongens van mijn school’
  6. Ze ontmoette drie jaar later op het platteland een jongen. Vertel iets over die jongen. Welk effect heeft Hedwig op hem? A: Hij was een weesjongen en kwam uit de stad. Hij sliep maar bij korte wijlen dien nacht, en schrok wakker, en dat telkens weer, om zijn groot, gouden, schitterend wonder te koesteren met liefkoozende gedachten.
  7. Hedwigs neef wil zich met haar verloven. Wat is haar reactie daarop? A: van toen aan sliep zij slecht. De schoonheid van het zoozeer bewonderde leven hier, begon nu zachtkens aan te verflensen.
  8. “Zij zag de jongensfiguur in 't duister, zij voelde de omhelzing en de kussen.Toen zondigde zij weer als vroeger en daarna … alles plotseling ontdaan van den bedriegelijken glans van bekoring. Zij snikte en bad God om vergeving.” Wat zou de schrijver bedoelen met ‘zij zondigde’? A: misschien zelfbevrediging
  9. Hoe denkt Hedwig dat kinderen voortgebracht worden? A: “Ze worden door de open ramen bij de moeders gelegd, hoe weet ik niet. Daarom worden er verzen op moeders gemaakt, omdat het zoo mooi is”
  10. Johan, een kandidaat-geliefde. Hij heeft verheven gedachten, maar hoe kijkt hij ook soms tegen het leven aan? A: Dan weer gebruikte hij de gewone platte jongens-taal, en zei hoe hij alles ‘bedonderd’ en ‘een beroerde boel’ in 't leven gevonden had.
  11. Hedwig ontmoet Gerard. Wat is zijn bijnaam? Hoe kijkt ze tegen hem aan? A: de ridder. in haar verwachting zou de dag rijk en heerlijk zijn als zij hem weder zou spreken. Wat zij gevoelde dat wist zij nooit te hebben gevoeld. ‘Dit is hem, nu is hij gekomen.’
  12. “De diepste oorzaken van Gerards ernstig wezen waren anders dan Hedwig ooit bevroeden kon”. Wat is er in Gerards jeugd gebeurd? A: een slechte zede uit dezen tijd had zijn moeder haar zorg doen overlaten aan kindermeiden en juffrouwen, veelal onverschillig en van geringe beschaving. Een dezer, wulpsch en roekeloos, had den jongen op achtjarigen leeftijd het kwaad der knapen geleerd
  13. Er hing een afschrikwekkend portret van Hedwig in de etalage van een winkel. Hoe ervoer Hedwig dit? A: Wel pijnlijk, maar met iets prikkelends er in dat de grootste pijn wegnam. Hedwigs leven was zoo klein geweest en zoo saai, nu kwam er iets groots in en iets belangrijks.
  14. Ze had grote verwachting van haar huwelijksreis naar Duitsland. Maar hoe heeft ze het werkelijk ervaren? A: Van het wonderland der Duitsche zangers vonden zij nauw speurbare overblijfselen, hier en daar, verborgen onder een vuns afzichtelijk spinsel der huidige samenleving. Maar van een mysterie openbaarde zich niets.
  15. Ze ging weer een keer terug naar het platteland rond Merwestee. Hoe vond ze Johan daar terug? A: “En waarlijk, daar was hij. Maar nu riep zij, want hij moest toch gewekt worden. Toen begon de waarheid in haar door te dringen als vorst-koude. Zij las het briefje, waarop stond: ‘nu heb je dan je zin’.” Johan was dood. W
  16. Wat ging Hedwig doen op de boerderij bij Merwestee? A: Naast Merwestee, … lag daar een kleine boerenhoeve. Zij … waschte en kookte, en verbood de verwilderde kinderen.
  17. Gerard wil dat Hedwig een kind krijgt. Hoe reageert Hedwig daarop? A: toen lichtten Hedwigs oogen en zij greep zijn handen en kuste ze menigmaal. Maar toen de feiten kwamen, koud en wijdingloos, toen oproerde haar gansche wezen heftig tegen deze schending van het heiligste. Het was angst en weerzin voor haar man, schrik als hij binnenkwam, afkeer van zijn handen, zijn lijf, zijn geur, - lijfelijke walging door zijn nabijheid.
  18. Wat was het advies van Leonora aan haar vroegere vriendin Hedwig? En wat was het gevolg voor Hedwig? A: een langen tijd ver van haar huis en van haar man te leven, tot het gevoel van weerzin was geweken en zij weer naar beiden zou verlangen. Zij was al een week aan zee zonder veel verbetering te bemerken. 
  19. Wat vindt Gerard van Ritsaart? A: Al wat Gerard van Ritsaart wist, was hem tegen, en leek ongunstig. Voor zijn uiterlijk had hij den tegenzin, die een stemmig Hollander heeft voor mannen die hij door vrouwen mooi hoort noemen.
  20. Hoe reageerde Hedwig toen Ritsaart haar ’s nachts verraste? A: Verschrikt voer zij bevend overeind en riep heesch: - ‘Ga heen! - Ga gauw heen!’
  21. Wat is Joobs raad aan Hedwig? A: Word verliefd op wie je wilt, als 't maar een gave ziel is. Maar word goed verliefd en bind dan, want het rechte komt maar ééns goed.
  22. Wat vertelt Joob? Wat vindt hij van haar leven? A: “Onthou dan alleen maar dit. Dat er geen enkel recht is waardoor jij er aanspraak op kunt make bediend te worde door twee meide, en je ete en je kleere en je huis voor je te laten make door 'n ander en 't zelf net precies zoo makkelijk te neme as je verkiest. Daar heb je geen schijn van recht toe, wat je man en je pa en al je ooms en tantes magge bewere. Hoe dat in mekaar zit, hoe je man en je voorvaders 't 'm hebben gelapt rijk te zijn en rijk te blijven, dat doet er niks toe - 't feit is dat je leeft ten koste van anderen, dat je alles, alles, alles voor je doen laat door anderen en zelf thee-zet, visites maakt, wandelt, boekjes leest, eet en slaapt, en dat dat zonde is en schuld, en straf meebrengt in de vorm van ontaarding, verveling, levensmoeheid, sufheid, saaiheid en de rest. Kan je dat volge?....”
  23. Hoe reageert Gerard op Hedwigs mededeling dat ze nu met Ritsaart getrouwd is? En wat doet Hedwig daarna? A: Gerard had 't gaslicht aangestoken en zat voor de tafel in een leuningstoel, de armen gekruist. Voor hem op tafel lag een pistool.
    - ‘Ga je hem dood schieten?’
    - ‘Ja.’                                                                                                                         
    Een sterke geur van lichtgas kwam uit de opening en nu begreep hij Hedwigs toeleg.Snel tilde hij haar uit 't water, het slappe hoofd op zijn schouder.
  24. Hoe reageert Hedwig op het leven in Londen? A: De vermoeienis van dit weelde-leven openbaarde zich fel en onverwacht.
    Het was alsof ze feestvierde op den bodem van een diepen put, waaruit nooit iemand verlost werd.
  25. Wat is het effect op de hertog en zijn dochter van Hedwigs openhartigheid over haar relatie met Ritsaart? A: Dien voormiddag al lag er een gezegeld briefje op hun kamer met de mededeeling dat het rijtuig om vier uur gereed zou staan om hen naar 't station te brengen.
  26. Wat doet Hedwig met haar kindje op weg naar Holland? A: Toen kreeg zij den inval dat het kind het veiligst zou zijn in haar koffer.
  27. Wat geeft de dokter waar Hedwig te gast is, om haar op haar gemak te stellen? A: Om haar doodsangst voor 't terug komen van den waanzin te stillen, gaf hij haar een weinig morfine. Na een paar weken, kon zij er niet meer buiten.